Flora & Fauna

Digi alfabet-register

Fauna Insecten Kikkers en padden Vlinders Vogels
Flora Paddenstoelen Wilde planten Foto's - Dieren in de wijk
Egels
Video's - Vogels

Flora & Fauna

Wat betekent FLORA ...?
Flora
of plantenleven, is de wereld van planten en bloemen in onze natuur.

Wat betekent
FAUNA ... ?
Fauna
of dierenleven, hiermee wordt het dierlijk leven bedoeld, dus het dierenrijk zogezegd.

Op deze pagina proberen we de FLORA & FAUNA van de wijk Hambaken zo goed mogelijk in beeld te brengen.
Indien u een apart wild plantje, of een vogelsoort ziet en het staat nog niet in de lijst aangegeven, meldt u dit dan aub. Zie contact.
Uiteraard zal menige plant en/of vogel nog niet zijn genoemd, maar we hopen hierbij ook op uw hulp!!!
Er zijn op Internet genoeg sites om na te kijken wat u heeft gezien/gevonden.
---- TOP ----
Dierenrijk: Insecten
Hommel, is een insect uit het geslacht Bombus. Er zijn ongeveer 400 soorten hommels, waarvan een aantal soorten voorkomt in Nederland en BelgiŽ. Hommels zijn aangepast om te overleven in een wat kouder klimaat. Het lichaam is voor een insect relatief groot en is zowel lang- als dichtbehaard, waardoor de warmte goed wordt vastgehouden. Een hommel heeft een groot lichaam maar relatief kleine vleugeltjes. Een hommel lijkt anatomisch veel op een bij maar heeft meer beharing en wordt een stuk groter. In tegenstelling tot de bij heeft de hommel ook stevige kaken; deze worden alleen gebruikt om bloemen stuk te knippen om bij de nectar te komen.
De mannetjes verschillen van de vrouwtjeshommels in verschillende opzichten: ze zijn kleiner, hebben langere antennes (13 geledingen i.p.v. 12) en zien er wat pluiziger uit. Ook hebben mannetjes geen angel en geen stuifmeelkorfjes. Bij de werksters is de legbuis omgevormd tot een angel. Alleen vrouwtjes kunnen steken, zowel werksters als koninginnen.

Hommel

 

 
Lieveheersbeestje, ook wel Oliebeestje, Stippelbeestje, Zonnekoekje genoemd, is lid van de tot de kevers behorende familie Coccinellidae. Ze zijn gekenmerkt door een ronde, zelfs vaak halfbolvormige vorm met korte pootjes die net als de kleine antennen onder het dek- en nekschild kunnen worden teruggetrokken. Ze hebben vaak rode, gele, witte en zwarte kleuren en zijn vaak gestippeld. De meeste lieveheersbeestjes leven ongeveer een jaar. Het aantal stippen zegt dus niets over de leeftijd. Lieveheersbeestje
   
Libel, (Odonata) is een insectenorde die wereldwijd voorkomt met ongeveer 5700 beschreven soorten, merendeels in warmere gebieden. In Nederland zijn 71 soorten aangetroffen.
Kenmerken van libellen: twee paar vleugels, die stevig, rijk geaderd en niet opvouwbaar zijn, de vleugels zijn niet met elkaar verbonden; kleine voelsprieten, die nauwelijks opvallen; een lang en meestal slank achterlijf; grote facetogen op een beweeglijke kop; het borststuk is schuin gericht en de poten zijn naar voren geplaatst, waardoor ze geschikter zijn om prooi in de vlucht te vangen en vervolgens in de mond te stoppen. Bij koudere omstandigheden vindt bij sommige soorten een verkleuring plaats van blauw naar bruin, waardoor de libel beter warmte opvangt.
Libel
   
Mier, is een insect van de orde van vliesvleugeligen (Hymenoptera). Geschat wordt dat de totale biomassa van mieren groter is dan die van alle andere dierensoorten op aarde. Omdat mieren overal ter wereld voorkomen (behalve Antarctica), zijn ze ťťn van de succesvolste diergroepen. Vele mierensoorten bouwen het nest in de bodem of in holle bomen. Een mierenkolonie bestaat uit ťťn (of enkele) koningin(nen), werksters (ook allemaal vrouwtjes) en soms jonge mannetjes en maagdelijke koninginnen. De grootste groep zijn de werksters, die samen de werktaken verdelen. Een mier heeft, net als de meeste andere insecten, voelsprieten op haar kop, wat haar voornaamste zintuig is en waarmee ze kan ruiken en voelen. De meeste mierensoorten hebben ogen, maar in het donkere nest zijn deze niet erg nuttig. Parasolmieren
   
Mug, is een vliegend insect uit de orde tweevleugeligen en de onderorde muggen (Nematocera. Sommige soorten lijken echter meer op een vlieg, een spin of een vlinder dan op een mug. Alle muggen hebben een zuigsnuit, maar verreweg de meeste soorten kunnen daar niet mee bijten. Ze leven van plantensappen als nectar en zijn vrij onopvallende insecten. Steekmuggen of muskieten zijn de bekendste muggen en zijn in beginsel onschuldige insecten die leven van nectar. Toch staan ze voor de mens bekend als vervelende wezens omdat ze onder andere menselijk bloed zuigen, althans de vrouwtjes tijdens de aanmaak van de eitjes. Bij de mens resulteert dat meestal in een rode jeukende bult. Mierenhoop in het bos
Steekmug
   
Sprinkhaan, de sikkelsprinkhaan (Phaneroptera falcata) is een insect uit de sprinkhanenfamilie Tettigoniidae.
Aan de grasgroene kleur herkent men dit soort. De vleugels steken zeer ver uit; ze zijn bijna twee keer zo lang als het lichaam. Een ander typisch kenmerk zijn de rode ogen die sterk afsteken tegen de groene basiskleur. De lichaamslengte is ongeveer 2 centimeter maar door de vleugels en voelsprieten, die bijna zo lang zijn als het lijf, doet het insect groter aan.
Sikkelsprinkhaan-Phaneroptera_falcata
   
Vlieg, een vlieg behoort tot de orde tweevleugeligen of Diptera. Er zijn ..tig soorten vliegen, bijvoorbeeld: bromvliegen, dansvliegen, dazen, horzels, huisvliegen, vleesvliegen, etc. De tweevleugeligen vormen een van de meest succesvolle orden van de insecten; het aantal beschreven soorten bedraagt ongeveer 160.000. Ze zijn vaak zeer goede vliegers met een korte generatietijd en dus een razendsnelle voortplanting onder de juiste omstandigheden. Diptera hebben een volledige gedaanteverwisseling: de larve die uit het ei komt is vaak pootloos en wormachtig. Vliegenlarven heten maden. Vleesvlieg
   
Wesp, een wesp valt onder de orde vliesvleugeligen (Hymenoptera). Er zijn veel verschillende soorten wespen; papierwespen spelen een rol bij de bestuiving van bloemen en het verdelgen van insecten; sluipwespen bij de biologische bestrijding van plaaginsecten en galwespen zorgen voor meestal bolvormige vergroeiingen aan bladeren. De bekendste familie van wespen zijn de plooivleugelwespen of Vespidae, vanwege de opvallende kleuren en grootte, de behoefte aan zoetigheid ('limonadewespen') en met name de steek. Wespen zijn belangrijke insectenbestrijders. Koningin van de gewone wesp
Kijk voor meer informatie op de site: www.wikipedia.nl De Insecten foto's zijn afkomstig van
http://nl.wikipedia.org
---- TOP ----
Dierenrijk: Kikkers en padden (AmfibieŽn)

Datum 16-05-2010

Padden hebben over het algemeen een droge wrattige huid en kikkers een gladde vochtige huid.
Kikkers en padden vallen onder de orde Anura van de klasse amfibieŽn.
Anura betekent letterlijk zonder staart en dit is het grootste verschil met alle andere amfibieŽn. Kikkers en padden ontwikkelen wel een staart maar deze verdwijnt tijdens de metamorfose.
AmfibieŽn zijn koudbloedige dieren die een deel van hun bestaan in het water en een deel op het land doorbrengen.
 
De Gewone pad (Bufo-bufo) komt het meest voor in Nederland. Padden houden zich overdag schuil onder stenen, houtstronken of struiken. Pas tegen de schemer worden ze actief. Zoals bijna alle padden kruipt de gewone pad en maakt hij kleine hupjes. Alleen voor de voortplanting is oppervlaktewater nodig. De eieren worden in tegenstelling tot veel andere kikvorsachtigen niet in klompen maar in strengen afgezet. De gewone pad heeft een opvallend gedrongen lichaam, de kop is groot en breed en heeft twee duidelijk zichtbare ogen met een oranjerode tot goudbronzen kleur. Het vrouwtje wordt aanzienlijk groter dan het mannetje. De belangrijkste kenmerken zijn de uniforme kleur, wrattige huid, oranjebruine iris en horizontale pupil.

Gewone pad (Bufo-bufo)

---- TOP ----
Dierenrijk: Vlinders

Datum 02-10-2011

Atalanta De atalanta is een opvallende trekvlinder met een spanwijdte van 5-6 centimeter, een zwarte vlinder met twee rode banen op zijn vleugels en bovenaan wat witte vlekken. De eitjes worden een voor een op de brandnetel afgezet. De rups is 35 tot 40 mm lang, en de kleur van exemplaren onderling varieert sterk. De grondkleur is geelachtig grijs tot zwart met op de zijkanten geelwitte vlekken. De rups vouwt de bladtoppen met spinseldraden naar elkaar toe. De pop is grijs of bruin met op de rugzijde blauwglanzende vlekken. Leefgebied overal, tot meer dan 2000 meter hoogte in de Alpen. Ze overwinteren in Zuid-Europa en in het voorjaar trekken ze naar het noorden. Atalanta

 

 
Boomblauwtje (Celastrina argiolus) is een dagvlinder. De spanwijdte van de vlinder bedraag tussen de 26 en 32 millimeter. De vleugels van mannetjes zijn aan de bovenzijde geheel blauw terwijl de vrouwtjes een brede zwarte band langs de vleugels hebben. De vlinder is te herkennen aan de zilverwitte tot lichtblauwe onderzijde van de vleugel waarop zwarte stippen te zien zijn. Het boomblauwtje heeft een voorkeur voor bosachtige gebieden als leefomgeving. De soort komt algemeen voor in Nederland. Ze eten klimop, hulst, struikhei, vuilboom, kornoelje en kardinaalsmuts. Boomblauwtje - vrouwelijk
   
Citroentje of de citroenvlinder (Gonepteryx rhamni) is een dagvlinder. De spanwijdte is tot 55 millimeter, de mannetjes zijn meer geel, de vrouwtjes meer groen van kleur maar dit is in het veld niet altijd even eenvoudig te zien. Ze vallen zowel in vlucht als bij bezoek aan bloemen goed op. De vrouwtjes zijn ook veel bleker van kleur en worden soms verward met de witjes. Beide seksen zijn te herkennen aan een oranje stip op iedere vleugelpunt.
De vlinders eten voor de paring de waardplanten op. De enige twee soorten waarvan de rupsen kunnen leven zijn sporkehout en wegedoorn, die in en rond bossen en houtwallen groeien. Rond de paartijd kunnen de vlinders hier massaal worden aangetroffen.
Citroentje
   
Dagpauwoog (Inachis io) is een dagvlinder en een van de bekendste en geliefdste vlinders door zijn grootte, afstekende kleuren en oogvlekken, gracieuze vlucht en vrij algemene voorkomen. De rupsen eten van planten die in grote delen van de wereld voorkomen, zoals hop maar vooral brandnetel.
De dagpauwoog heeft een spanwijdte van 50 tot 60 millimeter en vier vleugels, waarvan de onderzijde donkerbruin tot zwart gekleurd is met soms een lichtere grillige lijnentekening. De bovenzijde van de vleugels is oranjerood, met smalle donkerbruine vleugelranden. De bovenste vleugelrand is zwart met van de basis tot het midden een smalle strook witte strepen die doen denken aan een zebra-motief. Zowel de bovenste als de onderste vleugel heeft in de bovenste buitenhoek een grote oogvlek die bestaat uit witte, blauwe en paarse kleuren op een zwarte achtergrond.
Dagpauwoog op de vlinderstruik
Zie voor meer informatie op de site: www.wikipedia.nl Enkele foto's: Vlinders zijn afkomstig van
http://nl.wikipedia.org
---- TOP ----
 Dierenrijk: Vogels

Datum 02-02-2015

De Ekster is een mooie vogel met een zwart/wit blauw vederkleed. Komt overal voor in open en halfopen landschap met dicht struweel of hoge bomen. Het zijn nestplunderaars en vogelmoordenaars. Ekster (Pica-Pica)

 

 
De Brandgans (Branta leucopsis) is zwart-wit van kleur. De wangen zijn wit; de snavel, de poten en de hals zijn zwart. Deze gans komt veel voor in Friesland en Zeeland, in de buurt van zoet water. Trekkende brandganzen zijn te herkennen aan hun blaffende roep. Ze zijn de hele winter in Nederland te zien.
Hun voedsel bestaat hoofdzakelijk uit gras, maar ook nuttigen ze diverse mossoorten en ander groen. Ook eten ze naast gras en zeegras ook veel zaden en dit is zeer ongewoon bij ganzen. Het zoeken naar voedsel vindt doorgaans plaats bij daglicht, en ze begeven zich bij de dageraad en tegen het vallen van de avond naar veilige gelegen rustplaatsen, bij volle maanlicht kunnen ze het voedsel zoeken de hele nacht voortzetten.
Brandgans (Branta leucopsis)
   
De Gans Canadese is een vreemde eend in de bijt. Deze forse ganzensoort komt oorspronkelijk uit - jawel - Noord-Amerika: Alaska, Canada en de noordelijke overige staten van de VS. Echte wilde canadese ganzen zijn zeer zeldzaam, maar daar staat tegenover dat deze gemakkelijk herkenbare soort veelvuldig in Nederland voorkomt: het zijn allen afstammelingen van vogels die voor de jacht zijn uitgezet, aangevuld met siervogels uit parken. Canadese Gans bij de grote dreef aan de Hambakenweg
   
De Gans Grauwe is de grootste bij ons voorkomende gans. Uiterlijk lijkt deze gans wel wat op de Kolgans, maar die heeft een duidelijke witte bles en zwarte strepen over de borst/buik. De Grauwe Gans heeft dat allemaal niet. Tegenwoordig zijn Grauwe Ganzen in ons land in zeer veel gebieden als broedvogel waar te nemen op plaatsen waar maar een geschikte biotoop voor hen aanwezig is. Grauwe Gans (Anser-anser-th)
   
De Houtduif (Columba palumbus) kan bijna overal worden waargenomen: in tuinen, parken en in het buitengebied en is in BelgiŽ en Nederland de grootste duivensoort. Ze bouwen slordige nesten van takken en het is geen uitzondering dat een ei na het leggen meteen door de losjes gegroepeerde takken op de grond valt. Houtduiven zoeken hun voedsel in een veelheid aan biotopen, van stedelijke gebieden, waar ze leven van wat in tuinen en parken te vinden is, tot op de bosbodem, zoals zaden: oogstresten, zaden van wilde planten, gevallen bessen en ander beschikbaar voedsel. De houtduif is de grootste duif. Hij heeft een grijspaarse kop, grijze boven delen en grijsroze borst. Opvallend is de grote witte vlek op zijhals en in de vlucht de brede witte baan op de bovenvleugel, die goed zichtbaar zijn tijdens de vlucht. Zwarte armpennen en een brede zwarte eindband op de staart. Houtduif     Foto afkomstig van: http://vogelspot.webs.com/vogelsalfabetisch.htm
   
De Huismus is de staatjongen onder de vogels. Er zijn twee soorten mussen in Nederland en de Huismus is van beide soorten de meest talrijke, de andere soort is de Ringmus. De Huismus heeft een grijze kruin, de Ringmus een bruine. Daarnaast heeft de Ringmus een duidelijke witte ring om de hals.
Mussen zijn bruinachtige vogels met een vrij dikke snavel, een aanpassing aan het eten van zaden.
Biotoop:
dorpen, steden, maar ook platteland. Foto's huismus mannetje & vrouwtje hiernaast!

Zie video: Mussen bij het voer
Huismus (Passer-domesticus) (mannetje)
Huismus (vrouwtje)
   
Een Kievit is in de lucht een ware stuntvlieger, die behendig in bochtige vluchten over hun territorium vliegt en daarbij regelmatig buitelingen maakt en zelfs over de kop gaat. De meest acrobatische mannetjes blijken voor de vrouwtjes het aantrekkelijkst. Het komt bij Kieviten regelmatig voor dat een mannetje twee of meer vrouwtjes heeft. Kieviten zijn voor hun voedsel geheel afhankelijk van de bereikbaarheid van bodemdieren. Hoewel de Kievit vaak als typische weidevogel wordt genoemd, voelt de soort zich toch ook heel goed thuis op akkerlandpercelen. Kieviet(Vanellus-vanellus)
   
De Kleine mantelmeeuw (Larus fuscus) broedt in kolonies langs de kust en in veel landen in toenemende mate op daken in steden. Zijn nest is een nestkuil op de grond, meestal gemaakt van losgetrokken gras, waarin twee of drie eieren worden gelegd. De kleine mantelmeeuw leeft vooral van (zee-)vis, en zwemkrabben, maar ook op het land wordt veel gefoerageerd (zoogdieren, insecten, in mindere mate ook afval).
Hij heeft een leigrijze mantel, in tegenstelling tot de zilvermeeuw die lichtgrijs is. Verder heeft hij gele poten, in tegenstelling tot grote mantelmeeuw die roze poten heeft.
Ooit was het een zomergast maar de vogel wordt tegenwoordig ook 's winters in kleine aantallen waargenomen.
Kleine mantelmeeuw (Larus fuscus)
   
De Koolmees is onmiskenbaar door zijn zwarte kop met witte wangen, zijn gele buik waar parmantig een zwarte stropdas over hangt. Die stropdas is bij het mannetje veel breder dan bij het vrouwtje. De koolmees (Parus major) is een zangvogel uit de familie van echte mezen (Paridae). Volwassen koolmezen zijn circa 14 centimeter groot, hebben een spanwijdte van 22,5-25,5 centimeter en gewicht van ongeveer 20 gram. De roep van de koolmees klinkt als pťh-puuh wat vergelijkbaar is met de sirene van een politieauto. De zang is een hoog si si sirrr en lijkt iets zachter dan die van de pimpelmees. De vlucht van de koolmees is meestal gelijk aan die van andere mezen. In grote bogen vliegt de koolmees door de lucht, afwisselend wordt met de vleugels geslagen en gezweefd.

Zie video: Koolmezen & pimpelmezen in bad
Koolmees in de tuin
   
Een Kraai hoort tot de intelligentste vogels; sommige soorten vormen grote kolonies met een complexe sociale structuur. Kraaien zijn groter dan kauwen en in tegenstelling tot de laatste helemaal zwart, vaak met een wat groenige glans over de veren.De biotoop is een open landschap met bomen. Ze hebben een donker )zwart vederkleed en maken krassende geluiden. Kraai (Corvus-corone)
   
De Lijster (Turdidae) is van een grote familie van meestal middelgrote zangvogels met goed ontwikkelde zang. Er zijn 183 soorten. Het juveniele kleed is meestal gevlekt. Bij sommige soorten zijn vrouwtje en mannetje gelijk gekleurd. Deze groep wordt ook wel de echte lijsters genoemd omdat vroeger bij deze familie een grote groep kleine zangvogels behoorde die ook wel de kleine lijsterachtigen werd genoemd. Zanglijster (Turdus philomos)
   
De Meerkoet is half zo groot als een Wilde Eend. Meerkoet en Waterhoen worden nogal eens met elkaar verward. Dat is niet nodig want er bestaat een hemelsbreed verschil tussen deze beide vogelsoorten. Meerkoeten hebben een hagelwitte snavel en ook een wit voorhoofd. Bovendien zijn ze verder geheel gitzwart en zijn echte duikers in tegenstelling tot het Waterhoen dat alleen onderduikt als het aan groot gevaar tracht te ontsnappen. De Meerkoet zoekt ook duikend naar voedsel (waterplanten). Moerassen, plassen en meren, maar ook in parken, grachten, sloten en vaarten is zijn biotoop. Meerkoet
   
De Merel is een vogel uit de familie Lijsters, hij valt onder de zangvogels. Een mannetjesmerel is een middelgrote zangvogel, zijn hele lijf is egaal zwart met een oranje, spitse snavel. Een vrouwtjesmerel heeft een aardbruin tot licht roodbruin lijf en is dus lichter dan het mannetje, maar donkerder dan alle andere lijsters. Haar snavel is bruingeel gekleurd. Zij heeft donkere strepen op de keel en een gespikkelde of donker gevlekte onderzijde, een onduidelijk patroon.

Zie video: Merel in bad & Merel voert jonkie
Merel (Turdus Merula) - mannetje
Merel - vrouwtje
   
De Pimpelmees (Cyanistes caeruleus, vroeger Parus caeruleus) is een mees die in vrijwel heel Europa voorkomt en regelmatig te zien is. Pimpelmezen zijn veel te zien in bossen, tuinen en struelen. Pimpelmezen zijn slimme, behendige vogels die graag afkomen op in de tuin opgehangen voedsel. Volwassen pimpelmezen zijn circa 12 centimeter groot met een spanwijdte van 17-20 centimeter en een gewicht van ongeveer 12-15 gram, dit is kleiner dan de koolmees. De pimpelmees heeft een vrij onmiskenbaar verenpak met zijn kobaltblauwe kruin, staart en vleugels die prachtig afsteken tegen het geel van zijn onderkant. Het verschil tussen mannetje en vrouwtje is vrijwel niet waar te nemen.

Zie video: Koolmezen & pimpelmezen in bad
Pimpelmezen nemen een badje
   
De (Blauwe) Reiger verschilt van andere reigers door zijn grote formaat, grijze bovendelen, witte kop en nek, zwarte band van losse veren vanaf oog en eindigend in een puntige kuif. Onderdelen grijzig wit met wat zwart op borst en flanken. Grote gele snavel, poten bruinachtig; snavel en poten in broedtijd roze. Juveniel met egaler grijs verenkleed en geen zwart op de kop. Staat vaak bewegingloos in water of langs waterkant, met gestrekte of ingetrokken nek.

Zie video: Reiger op het dak
Blauwe Reiger bij een dreef aan Het Wielsem
   
Een Roodborst is even groot als een mus, maar heeft een heel mooi roodoranje gekleurd befje en de staart is roodbruin. Hij huist veel in loofbossen, maar ook in parken en landgoederen. Het roodborstje (Erithacus rubecula) is een zangvogel uit de familie Muscicapidae (vliegenvangers). Hij waagt zich dicht bij huizen, vooral 's winters.

Zie video: Roodborstje
Roodborst (Erithacus-rubecula)
   
De Scholekster leeft vooral van schelpdieren en wormen. In het binnenland op de graslanden worden wormen gegeten, aan zee veelal mosselen en schelpdieren. Scholeksters specialiseren zich op een bepaalde voedselsoort. De scholekster (Haematopus ostralegus) is een vrij stevig gebouwde, zwart-witte steltloper. Scholekster (Haematopus-ostralegus)
   
Een Spreeuw leeft overal waar geschikte holtes aanwezig zijn, zowel in oud loofbos als in steden. De spreeuw is een holenbroeder en zoekt dan ook geschikte holle bomen, schoorsteenpijpen, dakpannen, lege blikjes. De spreeuwenman begint hoog op de feministische meetlat: in maart begint hij zelf met de grote schoonmaak van oude nesten. Ook de zŠng van de spreeuw mag er wezen. Spreeuw (Sturnus-vulgaris)
   
Het geluid van de Turkse Tortel lijkt wat op dat van de Houtduif. De Turkse Tortel zegt echter: "Ik-groet-u" en de Houtduif zegt: "Ik-groet-u-zoet-lief". Een kleine vale duif met een zwart halsbandje als enige versiering.   De Turkse Tortel verdedigd fel zijn territorium. Soms ook tegen Kauwtjes, waar het kennelijk geen enkele vrees voor heeft. Turkse Tortel (Streptopelia-decaocto-th)
   
De Vlaamse gaai (Garrulus glandarius) behoort onder de kraaiachtigen. Deze vogel komt voor in het cultuurland en de bossen. De gaai maakt een luid geschreeuw (niet te verwarren met het geluid van andere vogels) waardoor ze de dieren in het bos waarschuwen als er gevaar in aantocht is.
Rug, buik en borst zijn rozebruin, stuit helder wit, baardstreep zwart en de bekende vleugeldekveertjes lichtblauw met fijne dwarstreepjes. De gevlekte kuif die hij bij irritatie tot een wilde pruik kan opzetten, geeft hem een indrukwekkend uiterlijk. Hij eet eikels, beukenootjes en verstopt deze ook voor de wintervoorraad.

Zie video: Vlaamse gaai 2011 en Vlaamse gaai
Vlaamse gaai
   
De Waterhoen (Gallinula chloropus) heeft een verenkleed dat bruinzwart van kleur is, over de flanken loopt een onregelmatige streep, de snavel is rood met een gele punt, die overgaat in een rode voorhoofdsplaat en de onderstaartdekveren zijn wit. De tenen zijn gelobt en geelgroen van kleur. Het is een onopvallende, maar toch goed herkenbare vogel die eigenlijk alleen met de meerkoet verward kan worden. De snavel en de voorhoofdsplaat van de waterhoen zijn echter rood in plaats van wit van kleur. Ook loopt bij het waterhoen een onderbroken, witte streep over de flanken en heeft de vogel witte veren onder de staart. Het is een schuwe watervogel, tijdens het zwemmen beweegt de vogel de kop met forse rukken naar voren en naar achteren, terwijl de staart omhoog gehouden wordt zodat de witte staartveren zichtbaar zijn. Het voedsel bestaat zowel uit plantendelen als verschillende insecten en weekdieren, hij zoekt langs de oevers van het water en loopt daarbij ook over het land. Waterhoen (Gallinula chloropus)
   
De Wilde Eend (Anas platyrhynchos) komt voor in moerassen, meren, sloten in akkers en weilanden en in steden. De wilde eend wordt volgens de Jachtwet gerekend tot het waterwild. Het is de meest voorkomende eend. De lengte bedraagt 51 tot 62 cm en de spanwijdte 91 tot 98 cm. Het mannetje (de woerd) is kleurrijk met een glanzend groene kop, een witte halsband, een kastanjebruine borst en gekrulde zwarte veren aan de staart. Het donkerbruine vrouwtje en de eendenkuikens (pullen) hebben een schutkleur.

Zie video: Wilde eenden
Wilde eenden bij een dreef in de Muziekinstrumentenbuurt
   
De Winterkoning is veel kleiner dan een mus, maar een centimeter groter dan het kleinste vogeltje in Nederland: de Goudhaan. De Winterkoning heeft staartveren die altijd parmantig rechtop staan. Een heel helder geluid komt uit de Winterkoning. Winterkoning (Troglodytes-troglodytes)
   
De IJsvogel is een kleurrijke vogel met blauw oranje kleuren, die in de broedtijd te zien is langs beken en rivieren met zoet, stromend water. In mindere mate wordt ook bij stilstaande, visrijke wateren gebroed. Ze eten kleine visjes, waterinsekten en dergelijke.
In zomer 2006 bij ons ... in de achtertuin waar genomen!!!
IJsvogel (Alcedo-atthis-th)
   
De Zilvermeeuw is een grote forse, de naam zegt het al, zilverkleurige meeuw. De Zilvermeeuw vestigt zich steeds meer in de stedelijke gebieden en in het westen van Nederland broedden tegenwoordig honderden Zilvermeeuwen op gebouwen. Als roofdier van eieren en jongen van Eidereenden, meeuwen, sterns en steltlopers heeft de Zilvermeeuw een geduchte reputatie opgebouwd. Zilvermeeuw (Larus-argentatus)
   
De Zwartkop (Sylvia atricapilla) is een zangvogel van ca. 14 cm. groot. Het mannetje is goed te herkennen aan de zwarte kruin, het vrouwtje heeft een bruine kruin. Het verenkleed verder grijs op gezicht en nek, bruiniger op bovendelen, onderdelen en staart en het onderlijfje is grijswit. Geen wit in staart. Zwartkoppen komen voor in parken en bossen met dicht kreupelhout. Het is een echte struikbewoner. Ze overwinteren in gebieden rondom de Middellandse zee, maar blijven tijdens de kouperiode ook steeds vaker in Nederland.

Zie video: Zwartkop
Zwartkop_16-02-2010tuin
   
De Wilde Zwaan maakt met zijn lange luchtzak aan de luchtpijp een diep trompetachtig geluid. Wilde zwanen zijn schuwer en geven de voorkeur aan een rustige nestelgelegenheid. Ze zijn luidruchtig en ze houden tijdens de vlucht voortdurend contact door een luid nasaal, trompetterend geluid te laten horen. De Wilde Zwaan is hier uitsluitend wintergast en doortrekker. Wilde zwanen bij de dreef achter langs de īSmaragdī
Kijk voor meer informatie op de site: www.ivnvechtplassen.org/ivn_vogels
Foto's van: www.vogelbescherming.nl, www.ivnvechtplassen.org of gemaakt door Dhr. Bavius, of anders vermeld bij de foto.
---- TOP ----
Plantenleven: Wilde planten
Zie voor meer info over de wilde planten op Internet. Er zijn verschillende sites met informatie over het plantenleven.
Bijvoorbeeld:
http://www.wilde-planten.nl
 

 

 
Driekleurig viooltje (Viola tricolor) is eenjarig (soms meerjarig), kan tot 40 cm hoog worden. De plant heeft een kantige rechtopstaande stengel die kleine, tegenover elkaar staande blaadjes heeft, die langgerekt tot ovaal met aan de voet steunblaadjes, die drie- tot achtlobbig maar soms veerspletig zijn. De bloemen zijn meestal 1,5 cm breed en driekleurig. De twee rechtopstaande kroonbladen zijn meestal violet. Het onderste kroonblad is geel of wit gekleurd. Driekleurig viooltje
   
Echte kamille (Matricaria recutita) is een plant uit de composietenfamilie. De plant is eenjarig, kan 10-40 cm hoog worden en heeft meestal een vrij sterke geur. De bloem heeft een witte stralenkrans van lintbloemen en vijftandige buisbloempjes. De witte lintbloemen buigen aan het eind van de bloei naar beneden. De hoofdjes zijn tamelijk lang gesteeld. Echte kamille
   
Fluitekruid (Anthriscus sylvestris) is een plant uit de schermbloemenfamilie. De schermen zijn samengesteld uit witte bloempjes die tamelijk vroeg bloeien. De stengels zijn hol en gegroefd. De plant is behaard. De bloem is wit, doorsnede van 3 ŗ 4 mm. Elk bloempje heeft een omwindseltje en vijf kroonblaadjes, waarvan er twee kleiner zijn. De bloemen vormen samengestelde schermen met 8 tot 15 schermstralen. De bladeren zijn twee- tot drievoudig geveerd; de onderzijde is zachtbehaard. Fluitekruid
   
Gele plomp (Nuphar lutea) is een waterplant met drijvende bladeren. Het is een plant die zich middels zijn wortelstok en via zaad verbreidt. In het eerste jaar kent de plant veelal alleen onderwaterbladeren. Daarna komen de drijfbladen en in de zomer de gele bloem die aan de boterbloem doet denken. Bloemen alleenstaand, boven water, 5 gele kelkbladeren, kroonbladen klein, stevig en glanzend geel. Gele plomp
   
Gewone reigersbek (Erodium cicutarium) komt voor op zanderige grond met roze bloemen. De vrucht is eivormig en heeft een 22 tot 35 mm lange snavel. De bladen zijn oneven geveerd en hebben diep veerspletige blaadjes. De stengel is dikwijls rood aangelopen.
Gewone reigersbek
   
Gewoon bosviooltje of  bleeksporig bosviooltje (Viola riviniana) is een plant uit de viooltjesfamilie (Violaceae). Het bosviooltje heeft blauwe of blauw-violette bloemen. Het spoor is bleker en op het onderste kroonblad zitten veel donkere aders. De doorsnede is 10 tot 25 mm.   Gewoon bosviooltje
   
Gewoon struisgras (Agrostis capillaris) is een vaste plant uit de grassenfamilie. De plant wordt 10-70 cm hoog. De gladde stengels kunnen aan de onderste knopen wortels vormen. De bloeiwijze is een gerekt-eivormige pluim van violette aartjes. Bladeren meestal vlak met een kort tongetje. Gewoon struisgras
   
Groot kaasjeskruid (Malva sylvestris) is een 1-1,5 m hoge vaste plant uit de kaasjeskruid-familie. De plant heeft drie- tot zevenlobbige, handvormige bladen. De 2,5-4 cm grote, roze bloemen hebben veel meeldraden. De bloemen groeien met twee of meer bijeen in de bladoksels. De vijf roze kroonbladen zijn iets ingesneden en hebben donkere strepen. Groot kaasjeskruid
   
Grote ereprijs (Veronica persica) is een eenjarige plant die behoort tot de helmkruidfamilie. Forse blauwe bloemen op stelen die veel langer zijn dan de bladen. De bladen zijn eirond en diep getand. De stengels zijn aan de voet wortelend, liggend tot opstijgend. Grote ereprijs
   
Harig wilgeroosje (Epilobium hirsutum) is een 80-180 cm hoge vaste plant in de Teunisbloemfamilie. De zacht behaarde stengel draagt 6-12 cm lange langwerpige bladeren. De bladeren zijn meestal tegenoverstaand, terwijl het middelste blad vaak stengelomvattend is. Ook de bladeren zijn zacht behaard. De bloemen zijn 15-25 mm, 5 uitgerande rozerode kroonbladen, en een 4-spletige stempel. Harig wilgeroosje
   
Herfstleeuwetand (Leontodon autumnalis) heeft een tot 45 cm hoge stengel, die vertakt is met aan het einde van de vertakkingen 1 bloemhoofdje. De kale bladen zijn bochtig getand tot veerdelig ingesneden. De randbloemen hebben aan de onderzijde meestal een roodachtige streep. Herfstleeuwetand
   
Hondsroos (Rosa canina) is een struik die bloeit in juni en juli met 4 tot 6 cm grote, witte of roze bloemen. De kroonbladen zijn veel langer dan de kelkbladen. De vrucht is een ovale, rood-oranje, 1,5 tot 2 cm grote bottel, waar men jam van maakt. De zaden kunnen zich zonder bevruchting ontwikkelen. De struik heeft takken met gekromde tot haakvormige stekels. Hondsroos
   
Jacobskruiskruid (Jacobaea vulgaris) is een wilde, in de regel tweejarige plant met gele bloempjes uit het geslacht Jacobaea (Jacobskruid). Jakobskruiskruid heeft een krans van gele straalbloempjes. De plant komst steeds meer voor in de Nederlandse wegbermen en natuurgebieden en vandaar uit in de perceelranden van weilanden. De zaadjes worden door het zaadpluis met de wind meegevoerd. Bloeitijd van juli tot oktober.
Jakobskruiskruid is giftig voor de meeste zoogdieren, waaronder ook de mens
.
Jacobs Kruiskruid
   
Judaspenning (Lunaria annua) is een tweejarige, 50-80 cm (soms tot 100 cm) hoge plant uit de kruisbloemen-familie (Brassicaceae). De bovenste bladeren zijn zittend of zeer kort gesteeld, de onderste zijn gesteeld.
De bladeren zijn grof gekarteld en ei- tot hartvormig. De bloemen zijn reukloos en 2,5-3 cm groot.
De kleur van de bloemen is paars of wit. De bloemen zijn gegroepeerd aan de top van de rechtopstaande stengel.
De bloeitijd loopt van april tot in juni. De hauwtjes zijn bijna rond. De vruchten zijn plat en 3-6 cm groot.
De plant is aantrekkelijk voor vlinders. De plant heeft een voorkeur voor zonnige tot licht beschaduwde plaatsen.
Judaspenning (Lunaria annua)
   
Kattestaart Grote (Lythrum salicaria) is een rechtopstaande hoge vaste plant, meestal aan de waterkant. De lange, rechtopgaande, vierkantige stengels zijn meestal onvertakt en hebben vier in de lengte verlopende strepen. De 3-8 cm lange, lancetvormige tot eironde bladeren staan onderaan in kransen, kruisgewijs tegenover elkaar, maar aan de top verspreid. De 1-1,6 cm grote bloemen groeien in schijnkransen uit de oksels van de bovenste bladen, elk heeft vier tot meestal zes kroonbladen en twaalf meeldraden. Bloeiperiode van juni-september. Kattestaart
   
Klaproos of papaver (Papaver) is een plantengeslacht en een echte pioniersplant. Een bekende soort is de slaapbol (Papaver somniferum), waaruit opium gewonnen wordt. Deze soort wordt ook als sierplant gebruikt. De papaver die in Nederland groeit, komt vooral voor op droge zanderige grond die kort geleden omgewoeld is, zoals op spoordijken of op opgespoten zandvlaktes. De zaden van de klaproos behouden onder de grond erg lang hun kiemkracht en ontkiemen als ze, soms na jaren, weer aan de oppervlakte komen. Klaproos
   
Kleine Klaver Een liggend plantje met tot 30 cm, dunne stengels. Bladeren 3-tallig, het eindblaadje is langer gesteeld dan de zijblaadjes. Bloeiwijze hoofdjesachtig met 15-20 bloempjes. Bloemsteeltjes zeer kort. Kroon geel, tenslotte bruin. Later krijgt de plant peultjes die naar alle kanten omlaaggericht zijn, in een halfvormig hoofdje. Kleine klaver
   
Knikkende distel (Carduus nutans) is een plant uit de composietenfamilie. De Nederlandse naam wordt ontleend aan dat de bloemhoofdjes knikken. De knikkende distel bloeit in Nederland in juli en augustus met 2-8 cm brede, roodpaarse, knikkende bloemhoofdjes. Een bloemhoofdje bestaat uit meer dan honderd zoet geurende bloempjes. Knikkende distel
   
Knolboterbloem (Ranunculus bulbosus) is een kruidachtige plant uit de ranonkelfamilie met 2-3 cm grotegele bloemen. Aan de voet is de stengel verdikt tot een knol, vandaar de naam. De bloem is goudgeel, met een teruggeslagen kelk. De bloemsteel is gegroefd. De 15-50 cm hoge stengel van de plant is aan het onderste gedeelte afstaand, bovenaan aanliggend behaard. Knolboterbloem
   
Knoopkruid (Centaurea jacea) is een kruidachtige plant uit de composietenfamilie. Het is een algemene plant van bermen en andere ruderale plaatsen. De overblijvende plant wordt 30-70 cm hoog. De bloemhoofdjes zijn 2-4 cm breed, de randbloemen hiervan zijn vergroot en steriel. Door het vergroten en het opzij staan lijken ze op lintbloemen. Ze bestaan uit roze tot roodpaarse buisbloemen. De bloeiperiode loopt van juni tot in de herfst. Knoopkruid
   
Madeliefje (Bellis perennis L.) is een kleine overblijvende plant die maximaal 15 centimeter hoog wordt. Aan het einde van de bloemstengel staat ťťn bloemhoofdje. Deze is maximaal 2,5 cm groot en bestaat uit gele buisbloemen met een krans van witte straalbloemen. De spatelvormige bladeren staan in een wortelrozet. De rand van het blad is gekarteld. Madeliefjes
   
Margriet (Leucanthemum) is een overblijvende plant die in hoogte varieert van 5-100 cm. De kruidachtige, snel groeiende stengel in meestal onvertakt en ontspringt uit een kruipende wortelstok. De bladeren zijn afwisselend geplaatst. De bladranden zijn enkel of dubbel getand. Bloemkorfje tot 6 cm met gele buisvormige randbloempjes. De schijf is zijn geheel is vlak of hol. Margriet
   
Melkdistel (Sonchus) is een kruidachtige plant uit de familie Asteraceae. De stengels bevatten een melkachtig sap. De afmeting van de bloemhoofdjes varieert van 1-3 cm. Het zijn alle straalbloemen. VariŽren in hoogte van 30-200 cm. De bladkleuren variŽren van groen tot paars, zijn onregelmatig en hakkelig veervormig ingesneden met zachtstekelige randen, aan de voet pijlvormig-stengelomvattend. Melkdistel
   
Moerasvergeetmeniet (Myosotis discolor Pers) is een to 30 cm hoog, behaarde plant. Bloempjes kortgesteeld. Bloemkroon eerst geel, dan roodachting en tenslotte blauw. Kroonbuis is langer dan de kelk, keelschubben zijn kaal en geel. Vrucht kortgesteeld, wijd afstaand van de bloeias. De bladeren zijn smal-ellipsvormig. Moerasvergeetmeniet
   
Paardebloem (Taraxacum officinale) is een soort uit de composietenfamilie. In deze familie zijn bloemen sterk gereduceerd en klein en staan dicht bij elkaar in een bloemhoofdje. Het bloemhoofdje van een paardenbloem bestaat uit alleen gele lintbloemen. De wortel is een penwortel die decimeters diep de grond in kan dringen. De zaden worden door de wind verspreid via een soort parapluutje. Paardebloem met inzet
   
Pinksterbloem (Cardamine pratensis) is een kruisbloemige die tot een halve meter hoog kan worden. De plant bloeit met lila tot roze bloemen. De kroonbladen zijn maximaal 18 mm lang. De plant heeft een wortelrozet. De bladeren zijn samengesteld. De deelblaadjes van het wortelrozet zijn kort en breed en vaak bochtig getand. De stengelbladeren zijn smal en lang. De stengel is hol en rond. De vrucht is een hauw. Pinksterbloem
   
Pitrus (Juncus effusus) is een wilde vaste plant uit de russenfamilie. De glanzende groene stengels zijn ongeveer 3 mm dik en kunnen een hoogte bereiken van 1,5 meter, maar zijn meestal tussen de 20 en 100 cm lang. De plant heeft een korte, sterk vertakte wortelstok. De bloemen zijn bruin met meestal drie meeldraden en een losse bloeiwijze, aan de bloemvoet zitten twee vliezige steelblaadjes. Pitrus
   
Rode klaver (Trifolium pratense) is een overblijvende plant uit de vlinderbloemenfamilie. Het is een vaste plant met een samengesteld, drietallig blad. De plant kan 15-50 cm hoog worden. De stengel is behaard. In het midden van deze bladeren zit een lichte vlek. Rode klaver
   
Scherpe zegge (Carex acuta) is een vaste plant uit de cypergrassenfamilie. Heeft grasgroene bladeren, droge bladeren rollen naar beneden om. De plant wordt 50-150 cm hoog en heeft lange wortelstokken. De plant heeft twee tot vier mannelijke en twee tot vier zwartbruine, vrouwelijke aren. De mannelijke aren zitten meestal boven de vrouwelijke aren. De vrouwelijke aren zijn 3-9 cm lang. Scherpe zegge
   
Schijfkamille Een tot 30 cm hoge plant. De bladeren zijn 2- of 3-voudig veervormig ingesneden, met opeengedrongen lijnvormige slippen. Bloemkorfjes uitsluitend met groenige buisvormige schijfbloempjes. Schijfkamille
   
Smalle weegbree (Plantago lanceolata) is een overblijvende plant. Ze wordt maximaal 0,5 m hoog. De bladeren staan allemaal in een bladrozet en zijn lancetvormig. De aar staat op een gegroefde steel. De witte helmknoppen die op de helmdraden relatief ver buiten de aar staan steken hiertegen af. Smalle weegbree
   
Speenkruid (Ranunculus ficaria subsp. bulbilifer) is een laagblijvende voorjaarsbloeier die behoort tot de ranonkelfamilie. De plant wordt tot 30 cm hoog en bloeit van maart tot mei. De hartvormige bladeren zitten aan het uiteinde van een lange bladsteel. De gele bloemen hebben acht tot twaalf kroonbladeren en drie groene kelkbladeren. Speenkruid
   
Veenpluis (Eriophorum angustifolium) is een plant uit de cypergrassenfamilie. De bloemen zijn tweeslachtig tot 4aartjes aan het einde van de rechtopstaande stengel en in plaats van een kelk en kroon is er een krans van borstelharen, die later uitgroeien tot lange witte haren. Stengel boven 3-kantig, onder rond. Veenpluis
   
Veldzuring (Rumex acetosa) is een overblijvende plant die ruim een halve meter hoog kan worden, op zonnige plaatsen zijn veel delen van de plant rood aangelopen. De bladeren zijn langwerpig en hebben voetslippen die in tweeŽn gespleten zijn. De bladeren van het rozet zijn gesteeld, maar langs de stengel zijn ze ongesteeld en zijn de voetslippen stengelomvattend. Ze zijn gerekt-pijlvormig en netnervig en gaafrandig. De soort is tweehuizig. De bloemen staan in een losse en enkelvoudige pluim. Veldzuring
   
Vlier (Sambucus) is een snelgroeiende heester of kleine boom. In de lente dragen ze tuilen van witte of crŤmekleurige bloemen, gevolgd door kleine rode, blauwachtige of zwarte vruchten. De bessen worden veel gebruikt voor het maken van jenever en jam of gelei. Vlier
   
Vogelwikke (Vicia cracca) is een plant uit de vlinderbloemenfamilie. De plant heeft slappe stengels die zachtbehaard zijn. Ze zoeken door middel van ranken steun bij andere planten. De plant wordt gekenmerkt door de veelbloemige trossen met soms wel dertig bloempjes. Het blad is geveerd en bevat zes tot twintig paar deelblaadjes van 1-2,5 cm lang. De vrucht is een peul van 1-2,5 cm lang, deze is bruin en onbehaard. Vogelwikke
   
Witte klaver (Trifolium repens) is een vaste plant uit de vlinderbloemenfamilie. De lange stengels liggen op de grond en bewortelen op de knopen. Alleen de toppen staan opgericht. De plant is niet behaard en kan tot 50 cm lang worden. De welriekende bloem is wit of heeft soms een roze waas. Individuele bloemen zijn 0,8-1,3 cm lang. De bloemen verwelken via roze tot bruin. De kelk is tiennervig. De plant bloeit met witte bloemen in een hoofdjesachtige tros met een lange steel. Witte klaver

De Flora foto's zijn gemaakt door Dhr. Bavius

---- TOP ----
Plantenleven: Paddenstoelen

Datum 20-09-2014

Aangezien we geen expert zijn in de benamingen en soorten paddenstoelen kunnen we hieromtrent u niets bijzonders vermelden. Wel willen we u laten mee genieten van de mooie foto's die men zoal van dit natuur onderdeel kan maken.
Deze foto's zijn gemaakt op maandag 26 oktober 2009 bij het grasveld naast het flat 'Het Klokkendiep'.
Er is een foto van de gewone zwavelkop bijgevoegd dd: 16-11-2010

---- TOP ----
Dieren in de wijk

Datum 06-06-2016

Datum 06-06-2016   De meeste vogels zijn allang uitgebroed, maar deze merel neemt de tijd en zit nog rustig op zijn nest met jonkies.
Klik op de onderstaande afbeelding om de foto's te bekijken!!!

Datum 09-05-2016   Een merel vindt af en toe een verfrissend badje ook ideaal, met dit warme weer wast hij zich graag in de vijver en de eenden zitten te robbedoezen in het water.

Vogels zijn gek op de pindakaas (speciaal voor vogels). Merels, koolmeesjes en eksters vlogen af en aan. 
                                      Datum 25-11-2015
Afgelopen week heeft onze fotograaf enkele vogels in ogenschouw genomen, helaas is de ekster te snel weg om er een foto van te maken. Het potje pindakaas was in no time (een week) helemaal leeg.

Ook u kunt foto's insturen ... gelieve deze door te mailen naar de redactie 'Hambaken-actief' van de website 'hambaken-actief'.

Dieren in de wijk

---- TOP ----
Egels

Datum 03-11-2016

Vandaag 3 november 2016 zag de website-fotograaf tijdens zijn ronde door de wijk een egeltje stil/onbeweeglijk op straat zitten. Oh dacht hij: dadelijk komt een auto eroverheen gereden. Hij twijfelde geen moment, pakte het beestje op en zette het op een veilig plekje in de naburige bosjes. Hopelijk overleefd het jonge egeltje.
Wilt u meer weten over egels, kijk dan bijvoorbeeld op de volgende site, zie:
www.egelbescherming.nl/de-egel/algemene-informatie

Egeltje 03-11-2016 in de 4e Hambaken

---- TOP ----

Video's - vogels

Datum 27-06-2010

Koolmezen & pimpelmezen in bad Datum 01-05-2010 Merel in bad

Datum 01-05-2010

Koolmezen_&_pimpelmezen_in_bad 2010-05-01

Merel in bad

   
Merel voert jonkie                                         Datum 01-05-2010 Mussen bij het voer

Datum 06-06-2010

Merel (mannetje) voert een van zijn jonkies. Mussen bij het voer
   
Reiger op het dak                                         Datum 02-05-2010 Roodborstje

Datum 15-02-2010

Reiger op het dak in de Muziekinstrumentenbuurt - straat de Cello Roodborstje 15-02-2010
   
Vlaamse gaai                                                Datum 06-06-2010 Vlaamse gaai 2011 

Datum 06-06-2011

Vlaamse gaai eet pinda's

Vlaamse gaai in de achtertuin ... gek op pinda's dd: 06-06-2011

   
Wilde eenden                                                Datum 22-03-2010 Zwartkop

Datum 16-02-2010

Wilde eenden 22-03-2010 Zwartkop_16-02-2010tuin
---- TOP ----
Deze website is opgezet door een aantal actieve leden van ICT Club de Hambaken. Gaat uw interesse uit naar het helpen bij een taak binnen deze club en u bent woonachtig in de Hambaken, neem dan gerust eens contact met ons op.   Lees verder >>>

Laatst bijgewerkt
 op: 16-10-2017 16:19:15

         

-----     Copyright 2008   ICT Club de Hambaken     -----